Toneel in De Rips

De eerste toneelgroep in De Rips werd in 1931 opgericht en kreeg de naam Kunst en Vriendschap. Zij had haar thuisbasis bij café-hotel Van de Ven aan de Ripsestraat. Het hoogtepunt was in 1936 het openluchtspel Guzmans Zonen, dat meerdere keren werd opgevoerd.

Ook na de Tweede Wereldoorlog was al vanaf begin jaren vijftig een toneelvereniging actief. Zij stond onder leiding van regisseur Antoon Verberkt uit Bakel. In 1975 bestond de Ripse NCB 50 jaar. Leden van de NCB en de KVO voerden een toneelstuk op, waarmee de geschiedenis van de Ripse bond werd verteld. Ze hadden met het toneelstuk zoveel succes, dat de leden daarna elk jaar een toneelstuk opvoerden. De eerste jaren heetten ze dan ook nog ‘de club van de NCB en KVO’. Later werd de naam ‘ToneelGroepRips’.

toneel groep jaren zestig

Ze hadden als doel de Ripse mensen een paar onbezorgde avonden ontspanning te geven. In de begintijd werd nog wel eens een triller gespeeld, maar dat viel niet in goede aarde bij de Ripse mensen. De eerste jaren deden de acteurs nog alles zelf, zoals het opbouwen van het toneel, de decorstukken maken en de aankleding. Zelfs de koffie nam men van huis mee. Nieuwe leden begonnen vaak als souffleur om te zien of ze toneel wel leuk vonden. Maar de fijne sfeer en gezelligheid stonden voorop.

Nieuwe regisseur

De eerste regisseur was Bert Weijmans. Daarna kwamen Gerard Trommelen, Henk Hilbrink en Albert Lintermans. In 2000 bestond ToneelGroepRips 25 jaar met drie jubilarissen: Laura Ypma, Marietje van Tiel en Henk Veldpaus. Nadien was Frans van de Pas enkele jaren regisseur van de groep. Hij tilde de groep naar een hoger niveau. Hij had veel aandacht voor timing, hetgeen vooral in het genre blijspel of klucht een belangrijk onderdeel was. In een klucht zit veel meer dynamiek. De handelingen en het tempo stelden extra eisen aan de timing. De types moesten dan ook heel nadrukkelijk worden aangezet. Frans vond ook dat acteurs zich moesten concentreren op hun rol. De leden die niet speelden, moesten voor de rest zorgen, zoals het decor en de belichting en alle andere aspecten die daarbij hoorden. De voorbereiding bestond uit een tiental stukken, die met elkaar besproken werden in het voorjaar. In september begon men met twee avonden per week te oefenen. Dit alles zag men direct in het toneelspel terug. Na 2008 kwamen de nieuwe regisseurs Erik Krabbenberg, Wilma van Dijk en William van der Heijden.

Achter de coulissen

Een grote groep stond op de planken en de rest werkte achter de coulissen. Er waren altijd speciale technici en voor speciale effecten extra mensen die zich wilden inzetten met activiteiten rondom de voorstelling. De Rips had en heeft nog steeds een groep ijverige vakmannen die jaarlijks een mooi decor opzetten. Het begon altijd met een tekening of ontwerp van de regisseur en dan moest het er binnen vijf á zes weken staan. Paul en Marcel van Bakel uit De Rips konden met behulp van velen alles maken: bijvoorbeeld het decor van de kerk of een schuivende wand, zodat er twee kamers op een toneel stonden. Rob van den Einden deed de styling, de meubels en alles wat erbij hoorde. Grimeurs waren Clemens en Maria Weijmans, José van Dijk en Ans van Merkenstein.

toneel groep jaren later 2

De laatste jaren wordt er jaarlijks vanaf april een nieuw blijspel, klucht of plattelands­komedie ingestudeerd en op de planken gebracht. Meestal van Nederlandse toneel­schrijvers. De speelavonden zijn altijd uitverkocht en het zijn fijne avonden, waarbij ook de familie van de spelers wordt ingeschakeld om betaalde taken te verrichten, zoals lotjes verkopen tijdens de pauze. Maar na die avonden kijkt men voldaan terug en gaat men alvast zoeken naar een stuk voor het komende seizoen.